Samen-bouwen-aan-goede-ICT
Case
Case overzicht

Zorg-ICT als nutsvoorziening

Aan het begin van deze eeuw draaiden Pharmacom en Medicom op lokale eHealth Servers: machines die meestal bij één van de apotheken uit het samenwerkingsverband stonden en die handmatig werden geback-upt door de apotheker. Tegenwoordig gaat het om virtuele servers, die worden gehost in het beveiligde, dubbel uitgevoerde datacenter van PinkRoccade. Hoe beïnvloeden technologische ontwikkelingen het werken in apotheek en huisartsenpraktijk en vice versa? We vragen het aan Guido Janssen, lead architect en sinds 2001 werkzaam bij PharmaPartners.

“ICT is steeds meer een nutsvoorziening, noodzakelijk om veilig en goed zorg te kunnen verlenen. Je wilt je als apotheker of huisarts geen zorgen hoeven maken over de beschikbaarheid en veiligheid van je systeem. Het moet er zijn, net als water uit de kraan.” Daar moet PharmaPartners van alles voor doen, dat niet zichtbaar is voor gebruikers. Nog geen twintig jaar geleden was dat heel anders, vertelt Guido Janssen. “We leverden ook de computers, printers en servers en hadden een technische dienst die regelmatig over de vloer kwam bij klanten. Een nieuwe versie van Pharmacom en Medicom moest bijvoorbeeld op locatie worden ingespoeld. De clusterbeheerder – meestal een apotheker van de apotheek waar de hardware stond – had er ook het nodige werk aan. Die was bijvoorbeeld letterlijk in de weer met het maken van backup-tapes.”

Toenemende digitalisering

Die fysieke aanwezigheid verminderde nadat PharmaPartners besloot zich op de software te concentreren en enkele jaren later alle servers werden ondergebracht in een datacenter. De afhankelijkheid van ICT voor het primaire proces in apotheek en praktijk nam door de jaren enorm toe. Zorgsystemen ondersteunden zorgverleners bij steeds meer aspecten van hun beroepsuitoefening. Eerst ging het vooral om declareren en voorraadbeheer in de apotheek. Met de komst van Medicom kwamen daar het voorschrijven en het versturen van een elektronisch recept bij. Daarna volgde meer vakinhoudelijke ondersteuning, zoals medicatiebewaking en het digitaliseren van de ‘groene kaart’ van de huisarts. Een belangrijke stap was de introductie van het Zorgconcept, met onder meer het Elektronisch Pharmaceutisch Dossier, eerste- en tweede uitgifte begeleiding en zorgprotocollen. Ook de samenwerking tussen apotheken en huisartsen werd steeds verder geautomatiseerd. Denk aan de herhaalservice en samenwerkingsprotocollen.

Naar een grafische omgeving

Dit is slechts een greep uit de ontwikkelingen van de afgelopen decennia, het voert te ver om ze allemaal te beschrijven. Feit is dat al die ontwikkelingen steeds meer eisen stellen aan het systeem zelf en aan de infrastructuur. “En ook dat gebruikers verwachten dat de technologie die zij buiten hun werk gewend zijn, landt in hun zorgsysteem”, vult Janssen aan. “Eén van mijn eerste projecten was de migratie van Medicom Classic naar Medicom Nieuw, dat gebaseerd was op Java en een grafische user interface had. Veel huisartsen wilden een grafisch systeem, de Terminal-schermen van Medicom Classic stonden groei in de weg. We moesten dus wel. Bij Pharmacom was dat veel minder het geval. Apothekers hechtten aan de stabiliteit en performance van Pharmacom en waren bang dat een grafische versie minder efficiënt zou werken aan de balie. Omdat we destijds verwachtten dat Cobol – de programmeertaal die we gebruikten – eindig was, zijn we Pharmacom toch opnieuw gaan bouwen.”

“De data verlaat de veilige beslotenheid van het cluster en komt in de digitale buitenwereld. Mensen verwachten de veiligheid van een bank en daar hebben wij ook altijd op ingezet, al zijn de ICT-budgetten in de zorg maar een fractie van de budgetten in de bancaire sector.”
Lead architect Guido Janssen

Hobbels

Dat mondde uit in een meerjarig traject waarbij menige technische hobbel moest worden genomen. Janssen: “Ondanks de inzet van veel goede mensen, liepen we tegen de grenzen van het systeem aan en kwamen de stabiliteit en performance onder druk te staan. Dat had niet alleen te maken met de nieuwbouw. De zorgsystemen kregen meer functionaliteit, de clusters werden groter, vanuit de clusters werden koppelingen gelegd met andere partijen – we hebben er nu zo’n 300 – en de datastromen die door de systemen gingen, namen enorm toe. De afgelopen jaren hebben we veel geïnvesteerd in het robuuster maken van de infrastructuur onder de systemen, dat toch nog steeds op Cobol is gebaseerd. Cobol kreeg namelijk een nieuwe impuls en wij hebben onze basis geüpgraded naar de nieuwste versie. Daarmee hebben we de stabiliteit en performance weer op het juiste niveau gebracht.”

Eisen aan de infrastructuur

Twintig jaar geleden draaiden de apotheek en de huisartsenpraktijk gewoon door als de ICT even uit de lucht was. Inmiddels is ICT hard op weg om een voorwaarde voor het leveren van zorg te worden. “Daarom hebben we instrumenten ingebouwd die ons in staat stellen om de prestaties van onze systemen continu te monitoren. Zo kunnen we ingrijpen voordat zich een probleem voordoet dat merkbaar is op de werkvloer”, vertelt Janssen. Tegelijkertijd zijn informatiebeveiliging en de toegang tot medische data onderwerpen geworden die hoog op de maatschappelijke én politieke agenda staan. “Terecht, het gaat om heel persoonlijke gegevens. Maar ook de strengere eisen en wetten op dit gebied vragen technische inspanningen van ons die voor gebruikers niet direct zichtbaar zijn. We hebben bijvoorbeeld een omgeving voor logging gebouwd waar dagelijks negentig ‘gieg’ aan data doorheen gaat.”

Guido Janssen

Guido Janssen

Van techniek naar implementatie

Het ontsluiten van informatie uit het huisarts- en apotheeksysteem naar de patiënt via MijnGezondheid.net en de nieuwe app MedGemak, brengt weer andere beveiligingsvraagstukken met zich mee. Janssen: “De data verlaat de veilige beslotenheid van het cluster en komt in de digitale buitenwereld. Mensen verwachten de veiligheid van een bank en daar hebben wij ook altijd op ingezet, al zijn de ICT-budgetten in de zorg maar een fractie van de budgetten in de bancaire sector.” Ook de technologie die voor eHealth wordt gebruikt is anders. Dat betekent dat mensen moeten worden bijgeschoold of nieuwe mensen moeten worden aangetrokken. “Er is zoveel super fancy technologie. Voor eHealth, maar ook voor het omzetten van data naar kennis die dan weer op het juiste moment in het zorgproces kan worden aangeboden. Met MedicomSmart hebben we daarin de eerste stappen gezet. De grootste uitdaging ligt echter niet in de techniek, maar in de implementatie ervan in de praktijk. De ontwikkelingen in zorg-ICT moeten aansluiten bij de ontwikkelingen in de zorg en de behoefte vanuit de eerste lijn. Dat borgen we door een nauwe samenwerking met onze klanten. De kunst is om een goed, veilig en bruikbaar systeem te realiseren voor een goede prijs, rekening houdend met alle geldende wet- en regelgeving.”

Download ""